Lijfrente

Wil je je pensioen aanvullen, zodat je eerder kunt stoppen met werken, dan kun je dat doen via een lijfrenteverzekering- of rekening. Komt de lijfrente vrij, dan heb je verschillende mogelijkheden. Zo kun je bijvoorbeeld je lijfrente periodiek laten uitkeren. Dan heb je elke maand of kwartaal wat extra geld achter de hand. Welke opties zijn er nog meer? En hoe werkt lijfrente eigenlijk?

Alles over lijfrente:

    Wat is een lijfrente?

    Een lijfrente is een extra inkomen. Je krijgt dit inkomen als je AOW krijgt of met pensioen gaat. Je mag dit bedrag ook sparen als extra inkomen voor een ander. Bijvoorbeeld voor je partner, als jij overlijdt. Daarvoor kun je een verzekering afsluiten, of sparen met een lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht.Je betaalt elke maand premie voor je lijfrenteverzekering. Daarnaast kun je ook een storting op je lijfrenterekening of beleggingsrecht doen. Dan mag je de premies en stortingen aftrekken in je aangifte inkomstenbelasting. Dan moet je wel voldoen aan de voorwaarden en een jaar- en/of reserveringsruimte hebben.

    De voorwaarde voor lijfrente

    Wanneer je een lijfrente afsluit in de vorm van een verzekering, rekening of beleggingsrecht, gelden daar voorwaarden voor. Welke vorm je ook kiest, het moet voldoen aan deze voorwaarden om als lijfrente beschouwd te worden door de Belastingdienst:

    • De lijfrente moet zijn afgesloten bij een toegelaten financiële instelling (zoals een bank, verzekeraar, beleggingsondernemer, beheerder van een beleggingsinstelling of een instelling voor collectieve belegging in effecten);

    • De lijfrente geeft recht op een periodieke uitkering op een vooraf bepaalde datum, bij leven of bij dood;

    • Een periodieke uitkering houdt in dat er een vaste en gelijkmatige uitkering moet zijn. Denk bijvoorbeeld aan een maandelijkse uitkering van 300 euro;

    • Het uitkeren van de lijfrente moet op een bepaalde manier gebeuren, Hoe dat precies zit, hangt af van of je je lijfrente van een verzekeringsmaatschappij of een bank, beleggingsonderneming- of instelling ontvangt;

    • Je laat de lijfrente-uitkering op tijd ingaan, of zet deze op tijd om in een andere lijfrente.

    Soorten lijfrentes

    Je kunt kiezen uit verschillende soorten lijfrentes. We zetten ze voor je op een rijtje.

    Oudedagslijfrente

    Een oudedagslijfrente ontvang je tot je overlijden. De uitkering mag niet stoppen voordat je overlijdt. Wel mag de uitkering op elk gewenst tijdstip ingaan. Dat moet wel uiterlijk 5 jaar na het jaar waarin je je AOW-leeftijd bereikt, gebeuren.

    Tijdelijke oudedagslijfrente

    Je ontvangt minimaal 5 jaar lang een lijfrente-uitkering vanaf het jaar waarin je de AOW-leeftijd bereikt, of in de 5 jaar daarna. Dit geldt voor de tijdelijke oudedagslijfrente, afgesloten na 2013. De uitkering stopt op een vastgestelde einddatum. Bijvoorbeeld op de dag dat je 80 jaar wordt.Het is goed om te weten dat het totaalbedrag van al je tijdelijke lijfrentenuitkeringen in een kalenderjaar niet hoger mag zijn dan het bedrag genoemd in de tabel tijdelijke oudedagslijfrente. Die vind je op de website van de Belastingdienst.

    Nabestaandenlijfrente

    In principe zijn er twee soorten nabestaandenlijfrente: een soort waarbij je de uitkering direct na het overlijden van de partner ontvangt, en een variant waarbij de nabestaanden de uitkering ontvangen na jouw overlijden, en pas stopt als de nabestaanden overlijden.Uitkeringen aan kinderen jonger dan 30 jaar mogen eerder eindigen. Maar, houd er rekening mee dat dit uiterlijk moet stoppen in het jaar waarin het kind 30 jaar wordt.

    Overbruggingslijfrente

    Overbruggingslijfrente geldt alleen voor lijfrentetegoeden die je voor 2006 hebt opgebouwd. Ze mogen eerder ingaan dan het jaar waarin je de AOW-leeftijd bereikt, maar het einde is wel vastgelegd.De overbruggingslijfrente moet stoppen voordat je 65 jaar wordt, de AOW-leeftijd bereikt, of wanneer je pensioen ingaat. Voor deze lijfrente geldt geen minimale looptijd. Wel geldt een maximumbedrag van 63.288 euro.

    Je lijfrente bij een bank, beleggingsonderneming of beleggingsinstelling

    Het kan ook zijn dat je lijfrente opbouwt bij een bank, beleggingsonderneming of beleggingsinstelling. Dat doe je dan via een geblokkeerde rekening of een beleggingsrecht. Het geldt alleen als de uitkering aan bepaalde voorwaarden voldoet. Voor zowel de oudedaglijfrente, tijdelijke oudedagslijfrente en nabestaandenlijfrente gelden verschillende voorwaarden. Je leest de meest actuele voorwaarden op de website van de Belastingdienst.

    Voor- en nadelen lijfrentes

    Of een lijfrente een goed idee is, hangt af van je persoonlijke situatie. Het heeft zowel voor- als nadelen. Vergewis je van deze voordelen en nadelen en bespreek ze met een financieel adviseur.

    Voordeel: je mag je premie aftrekken

    Als je een lijfrentepolis afsluit mag je het bedrag dat je inlegt in mindering brengen bij je belastingaangifte. Daarvoor moet je wel controleren of je aan alle eerdergenoemde voorwaarden voldoet. Ook moet het bedrag binnen de reserveringsruimte vallen. Alleen dan is het volledig aftrekbaar van je inkomsten- en vennootschapsbelasting.

    Voordeel: je ontvangt rendement

    Je spaart natuurlijk niet voor niets. Je wilt je geld zien groeien. De meeste aanbieders van lijfrenteproducten bieden daarom ook een positief resultaat aan op de inleg. Daardoor is het uit te keren bedrag vaak hoger dan het ingelegde bedrag.

    Voordeel: je werkt aan zekerheid

    Veel mensen hebben niet de discipline om zelf periodiek een bedrag apart te zetten voor de toekomst. Een lijfrente is dan een fijne manier om zekerheid voor de toekomst op te bouwen. Dat gaat automatisch, dus je hoeft er niet om te denken, na het afsluiten van de polis.

    Nadeel: je betaalt belasting bij uitkering

    In geen enkel land ter wereld ga je gratis met pensioen. Ook in Nederland niet. Terwijl je de premies en inleggen mag aftrekken, moet je wel weer belasting betalen over de uitkering van de lijfrente. Alleen als je inkomen in box 3 hoger is dan bij de uitkering in box 1, heb je minder belasting hoeven af te dragen. Anders heb je juist betaald over je lijfrente. Ook is er geen garantie dat de belastingpercentages in de toekomst gelijk blijven.

    Nadeel: je moet betalen voor de polis

    Je ontvangt rendement op je gespaarde lijfrente, maar daarvoor moet je wel eerst geld betalen. Dat doe je door voor je polis premie te betalen. Naast de premie moet je ook afsluitkosten en kosten voor het beheer betalen. Beleggingsinstellingen rekenen vaak ook kosten voor de fondsen en daarnaast kan er sprake zijn van een negatief rendement.Daarom is het verstandig niet alleen te kijken naar het nettorendement. Laat je goed informeren door een adviseur, om te ontdekken welk rendement er daadwerkelijk overblijft. Alleen dan kun je een welovergewogen keuze maken.

    Nadeel: er zijn onzekerheden

    Bij beleggingen loop je altijd het risico een deel van je inleg te verliezen. Daarnaast werken steeds meer banken en verzekeraars met variabele rendementen. Soms is het niet eens mogelijk om te kiezen voor een vaste rente op je lijfrente. Daardoor fluctueert de rente over je inleg. Het kan gebeuren dat de rente verlaagd of zelfs negatief wordt. Dan betaal je juist geld over je opgebouwde lijfrente.Je loopt ook het risico dat je eerder toegang tot je opgebouwde kapitaal wilt, dan de datum waarop de lijfrente vrijkomt. Dat is wel mogelijk, maar dan betaal je wel belasting en revisierente. Daarnaast is ook inflatie een onzekere factor bij lijfrente. Je geld kan dan over een x aantal jaar minder waard zijn dan op het moment dat je het apart hebt gezet.

    Lijfrente afsluiten

    Wil je een lijfrente afsluiten? Dan doe je dit bij een bank of een verzekeraar. Je vindt op onze website verschillende aanbieders. Het is altijd een goed idee om de verschillende producten te vergelijken. Kijk daarbij niet alleen naar de prijs en het nettorendement, maar ook naar de voorwaarden die erbij horen.Voordat je een lijfrente afsluit, is het altijd een goed idee om met een financieel adviseur jouw persoonlijke situatie te bekijken. Zo weet je zeker dat je genoeg geld opbouwt, en dat je niet te veel betaalt.

    Belastingvoordeel lijfrente

    Voldoe je aan de voorwaarden van de Belastingdienst, dan is je lijfrente aftrekbaar in je belastingaangifte. Dat kan oplopen tot een aardig bedrag, namelijk tot wel 49,5 procent van je inleg. Voor deze aftrekpost geldt geen aftrekbeperking. Maar let op: op het moment dat je met pensioen gaat, telt de uitkering mee als inkomen en betaal je hier belasting over.De voorwaarden van een lijfrente, heb je hierboven al gelezen. Maar er zijn nog wel een paar zaken waar je rekening mee moet houden. Zo kun je bijvoorbeeld alleen het bedrag aftrekken in het jaar dat je de premie hebt betaald, of als je je bedrijf beëindigt.

    Vergeten belasting terug te vragen?

    Ben je de aftrekpost vergeten op te geven? Dan mag je de aangifte van vorig jaar nog aanpassen en opnieuw insturen. De Belastingdienst past je aangifte dan alsnog aan. Dit kan vaak ook over voorgaande jaren.

    Belastingvoordeel als je een pensioentekort hebt

    Heb je een pensioengat? Dan kun je daar belastingvoordeel voor krijgen. Dit is de zogeheten jaar- en reserveringsruimte. De formule houdt rekening met je inkomen en of je eventueel via de werkgever al pensioen opbouwt. Je kunt zelf met de rekenhulp van de Belastingdienst berekenen hoeveel pensioen jij tekort hebt en wat je reserveringsruimte is.

    Moet ik verplicht inleggen?

    Je hoeft niet verplicht elke maand hetzelfde bedrag in te leggen. Zelfs als je afspreekt dat je maandelijks een bepaald bedrag inlegt, mag je altijd stoppen. Dat kan zowel bij een bank als bij een verzekeraar. Je maakt je product dan ‘premievrij’. Natuurlijk blijft je ingelegde geld gewoon staan. Stop je eerder met inleggen, dan wordt het verwachte eindbedrag lager.

    Let op: deze kosten mag je niet aftrekken

    Mag je al je kosten voor de lijfrentepolis aftrekken? Nee, niet allemaal. Je betaalt bijvoorbeeld kosten voor het openen van een rekening of een verzekering: de afsluitkosten of bemiddelingskosten. Deze kosten mag je niet aftrekken in je aangifte.Heb je al een rekening of een verzekering, en zet je deze om in een uitkering, dan zijn de bemiddelingskosten wel aftrekbaar. Let op: dat geldt niet voor de advieskosten. Zorg daarom voor een gespecificeerde factuur. De Belastingdienst vindt een bedrag van 250 euro aan bemiddelingskosten normaal. 

    Lijfrente uitkeren

    Wanneer de uitkering van je lijfrente ingaat, betaal je daar belasting over. Je kunt de lijfrente ook afkopen. In dat geval betaal je belasting over de afkoopsom. Daar komt ook nog een revisierente bij kijken.Ook goed om te weten: lijfrente en pensioen zijn niet hetzelfde. Het heeft wel hetzelfde doel: sparen voor je oude dag. Je zet het geld nu opzij en kunt het later als een soort salaris laten uitkeren. Je werkgever betaalt je pensioen. Je lijfrente betaal je zelf. Ook gelden er andere belastingregels voor. De pensioenen worden geregeld in de Pensioenwet, en de regels voor lijfrente in de Wet op de Inkomstenbelasting.